| Aantekeningen |
- Dirk en Aaltje hebben beiden de lagere school te Kallenkote bezocht. Zij
speelden als kinderen al samen. Dirk woonde op het Westeinde. Aaltje is
ongeveer op haar twaalfde bij haar grootvader Jannes Nijland komen wonen om
de huishouding te doen. Deze woonde op het Oosteinde. Dirk en Aaltje zijn na
hun trouwen in Wapserveen gaan wonen. De grootvader van Aaltje, Jannes
Nijland, is met hun meegegaan. In Wapserveen hebben ze op verschillende
adressen gewoond. Eerst op het Oosteinde, ongeveer bij de kerk. Jannes
Nijland is hier overleden. Toen zijn ze naar een dubbele woning het Midden
verhuisd, vlak bij de school. Daar hadden ze geen vee. Dirk werkte toen als
slager bij de exportslagerijen 'Pasman' en 'Beverwijk en Douma' te Steenwijk.
Toen de slagerij Beverwijk en Douma naar Nijkerk vertrok is Dirk niet
meegegaan. Hij is toen bij de boer werken. Het was crisistijd en Dirk was nog
wel eens zonder werk. Zij hebben toen een boerderijtje op het Oosteinde 10
gepacht. Ze zijn begonnen met een oude koe van f 50,-. Deze koe gaf 30 liter
melk per dag: binnen een jaar waren de kosten er al uit. Met deze koe zijn ze
verder gaan fokken voor de veestapel die later zo'n 10 koeien omvatte. Aaltje
begon met het mesten van varkens. In de crisistijd waren de varkens
spotgoedkoop: ze konder op de markt niet eens verkocht worden. Zo hadden ze
wel goedkoop vlees. Ook verbouden ze graan, aardappelen en dergelijke: een
echt gemengd bedrijf. Dirk is ook slachter gebleven. Hij werkte als
huisslachter voor de boeren in Wapserveen. In het najaar had hij het daar
altijd druk mee. Dirk verdiende bij door de contributie op te halen van het
Groene Kruis en de ziektekostenverzekering. Ook legde hij straatjes aan bij
de boeren. Zoon Meine was licht geestelijk gehandicapt en is altijd thuis
blijven wonen. Hij werkte op de boerderij. Arend heeft ook lang thuis
gewoond en is pas getrouwd na het overlijden van zijn moeder. Begin jaren
zestig hebben ze een huis gekocht op het Oosteinde tegenover het
Studentenpad, een weiland van de kerk af. (Hier in de buurt hebben ze ook
eerst gewoond!) Daar is Aaltje overleden. Zij leed de laatste jaren aan een
galziekte en moest zoutvrij eten. Dirk is toen bij zijn zoon Jannes en
schoondochter Coba ingetrokken. Zij woonden toen in het Midden. Dirk is later
nog verpleegd in het verpleeghuis Reggersoord te Meppel, (en Havelte?) waar
hij is overleden. Aaltje had een zilveren oorijzer dat ze altijd op deed als
ze op reis ging. Dirk heeft in zijn jonge jaren 10 maanden gezeten in
Groningen wegens een vechtpartij met zijn neef Hendrik de Vries. Met de
achterkant van een bierflesje had hij hem op het voorhoofd geslagen. Zijn
neef - die hij later wel weer ontmoet heeft - hield hier een lidteken in de
vorm van een 'halve maan' aan over. In de rechtzaak getuigde iemand tegen hem
die niet bij de vechtpartij aanwezig was geweest: deze persoon heeft daarvoor
een jaar cel gekregen. In de Steenwijker Courant (nee?) heeft hierover een
artikel gestaan: 19 Jarige Dirk J. is niet bang voor bloed. Toen Dirk daarna
in dienst moest vroeg de kapitein wie er gezeten had. 'Ik', zei Dirk. 'Voor
diefstal?', vroeg de kapitein. 'Nee, voor vechten', zei Dirk. 'Dan ben je een
goede vechter!', zei de kapitein. In dienst heeft hij wegens zijn
slagersopleiding in de keuken en de kantine gewerkt. Hij was gelegerd in Fort
Ruigershoek te Utrecht. Omdat Dirk gezeten had, had hij een tijd niets
verdiend. Daarom heeft hij ook als plaatsvervanger dienst gedaan, voor iemand
die daar voor betaalde. plaatje 11 Dirk en Aaltje met hun acht kinderen.
|